Ouderverstoting

Door: Denise Haacke    19 juli 2019

Het is een moeilijk en pijnlijk fenomeen dat steeds meer bekendheid krijgt: het ouderverstotingssyndroom (ook bekend als PAS: Parental Alienation Syndrome). Een paar jaar geleden was het nog een leeg begrip dat slechts door enkele mensen geroepen werd en waarmee niets werd gedaan, maar inmiddels krijgt het steeds meer aandacht en ondernemen ook rechters steeds vaker actie.

Wat is het?

Ouderverstoting doet zich vooral voor bij vechtscheidingen. De verzorgende ouder is openlijk negatief over de niet‑verzorgende ouder en op een gegeven moment wordt dit overgenomen door de kinderen. Dit kan ertoe leiden dat de kinderen niet meer naar de andere ouder willen. Uiteindelijk gaat het kind zelf geloven dat de andere ouder slecht is en dat leidt meer dan eens tot het volledig verbreken van de band tussen hen. Het kind groeit op met een negatief beeld van de andere ouder en soms gaat dit heel ver. Niet alleen de band wordt dan verbroken, maar het kind draagt actief bij aan het zwart maken van de andere ouder. In een rubriek van RTL Nieuws schreef een moeder recent een anonieme brief aan haar dochter, waarin pijnlijk duidelijk wordt hoeveel invloed het heeft op de andere ouder (klik hier voor de brief). Het is echter niet alleen moeilijk voor de verstoten ouder, maar ook voor de kinderen die er slachtoffer van zijn. Villa Pinedo heeft daarover twee (inmiddels volwassen) kinderen geïnterviewd (klik hier voor het eerste verhaal en hier voor het tweede verhaal).

Ouderverstoting doet zich voor in verschillende vormen en is niet altijd bewust. In de mildere vormen kan erger worden voorkomen door het inzetten van hulpverlening en voorlichting. In de ernstige vorm zijn er vrijwel altijd alleen verliezers. Kinderen weten op dat moment niet beter dan dat de andere ouder ‘slecht’ is, dat contact niet veilig is en zullen op enig moment zelf gaan aangeven geen contact te willen. De verstotende ouder verwijst naar de wens van het kind om geen contact te hebben en de verstoten ouder zit met een onmogelijke keuze: procederen en omgang afdwingen, met het risico dat het geen zin heeft of de verstotende ouder nog meer munitie geeft om het kind te beïnvloeden of niets doen en (later) het verwijt krijgen dat er nooit de moeite is genomen om contact te zoeken. Als kinderen op latere leeftijd achter de waarheid komen leidt het bovendien vaak tot een omkering: de ‘verstotende ouder’ wordt verstoten en de band met de ‘verstoten ouder’ wordt (met veel moeite) weer opgebouwd.

Hoe zit dat juridisch?

Rechters hebben vanuit de Hoge Raad de duidelijke opdracht om alle mogelijk middelen in te zetten om omgang tussen ouder en kind te bewerkstelligen. Daarbij wordt verwacht dat rechters ‘out of the box’ en desnoods vergaande middelen inzetten om omgang van de grond te krijgen.

In het geval van ouderverstoting is er helaas geen pasklare juridische oplossing. Meer dan eens is het geen ouderverstoting, maar is er daadwerkelijk iets aan de hand bij de andere ouder, waardoor de angst van een kind gerechtvaardigd is. Bovendien is het opleggen en koste wat kost afdwingen van omgang, terwijl dit tegen alles wat het kind voelt en wil ingaat, ook schadelijk voor een kind.

Al met al is het ook voor (familierecht)advocaten en rechters een moeilijke situatie. De verzorgende ouder roept dat dit de wens en wil van het kind is en dat contact gevaarlijk is, terwijl de niet‑verzorgende ouder roept dat de ander het kind tegen hem/haar opzet. Wanneer gaat het om ouderverstoting en wanneer is er echt iets zorgelijks aan de hand bij de ‘verstoten’ ouder? Wanneer is de expliciete wens van een kind wel gerechtvaardigd en wanneer komt het vanuit de verstotende ouder? Een pasklaar antwoord is er niet.

Wat te doen?

Bij ouderverstoting is het belangrijk dat er zo snel mogelijk actie wordt ondernomen. Voorlichting en actieve inzet van hulpverlening kan nog zorgen voor een ommekeer.

Bij de ernstige vorm van ouderverstoting leidt hulpverlening vaak niet zomaar tot verandering, omdat een kind blijvend negatief beïnvloed wordt en geen ruimte krijgt om een ander beeld van de verstoten ouder te krijgen. Zelfs als er hulpverlening wordt ingezet, zal verandering vrijwel onmogelijk zijn zolang de verstotende ouder in de buurt is. Iedere verbetering zal onmiddellijk weer teniet worden gedaan zodra het kind weer thuis is.

Ook rechters en gezinsvoogden beginnen hier actiever op in te springen. Dit heeft in de afgelopen tijd al meermalen geleid tot het uithuisplaatsen van kinderen. Op die manier kunnen kinderen zich ontwikkelen op een neutraal terrein en een eigen, onafhankelijk beeld vormen van de verstoten ouder.

Dit betekent natuurlijk niet dat rechters ‘zomaar’ een uithuisplaatsing uitspreken als er gesproken wordt over ouderverstoting. Een uithuisplaatsing is natuurlijk enorm ingrijpend voor kinderen en hier moet dan ook goed over nagedacht worden. Pas als alles is geprobeerd, er geen enkele andere mogelijkheid meer is en een kind schade ondervindt als hij/zij bij de verstotende ouder blijft wonen, wordt een uithuisplaatsing overwogen.

Onderneem actie

Het is dus belangrijk om als ouder bewust te zijn van de invloed die u heeft op de kinderen. Vermoedt u ouderverstoting? Trek dan op tijd aan de bel. De advocaten van Lina Advocaten helpen u hier graag bij.


Door: Denise Haacke